Apollo.jpg

Afscheid van vroeger 

2.1        Moeders en dochters 

2.2        Broze verbondenheid  

2.3        Tussen trots en twijfel

2.4        Een onwelkome gast

2.5        Bericht uit het verleden  

Wie anders kan die bieden dan de stralende Apollo?

Apollo heeft een gouden boog en pijlen en is de god van de zon en de kunsten. Hij is ook de beschermer van de wet en bestraffer van het kwaad. Hij is zeer competitief ingesteld en kan impulsief en meedogenloos reageren:

  • Hij vilt de sater Marsyas levend, nadat die hem heeft uitgedaagd voor een muziekwedstrijd. Apollo is deelnemer en jurylid tegelijk en roept zichzelf uit tot winnaar, omdat hij zijn lier ondersteboven kan bespelen, wat Marsyas niet kan met de dubbelfluit.

  • Hij doodt de Thessalische prins Eurytos, omdat die zichzelf tot betere boogschutter uitroept. (Zijn boog komt later in handen van de held Odysseus, die er zijn liefdesrivalen mee uitmoordt.)

 

Het was één van de heetste dagen van de zomer en Aspasia stond met haar vriendinnen klaar onder de Dipylonpoort voor de afsluitende processie van het stadsfestival.

Op het einde van juli worden de Panathenaia ter ere van Athena gevierd, ingesteld door de legendarische koning Theseus en uitgebreid onder Pisistratos (rond 565 v.C.). De grote Panathenaia (ong. 6 dagen) worden om de vier jaar gehouden en hebben een panhellleens karakter, in tegenstelling tot de gewone of kleine Panathenaia (2 dagen) tussenin. Een fries op het parthenon beschrijft de processie: ruiters, muzikanten, offerdieren en andere figuren met rituele taken (oa. het aanbieden van de nieuwe peplos aan de godin). Er worden sportwedstrijden gehouden, militaire behendigheidsproeven, schoonheidswedstrijden tussen opgroeiende knapen (euandria) en een fakkelrace. Verder zijn er competities in dichtkunst, muziek en dans. Prijswinnaars worden beloond met olijfolie, afkomstig van de heilige olijfbomen uit de tuin van de akademia.

 

"Haal je door die babbelzieke Echo geen rare ideeën in je hoofd, hoor.”

Echo is een praatzieke bergnimf, die Hera voorliegt over één van Zeus’ avonturen. Uit wraak vervloekt Hera haar, zodat ze niets meer kan zeggen en alleen maar de laatste woorden herhaalt die tot haar gesproken worden. (Je kan haar nog horen in de bergen…)

 

Had Thanatos, de dodengod, haar op dat moment gehaald, dan zou ze gelukkig gestorven zijn.

Thanatos is een zoon van de oergodin Nyx. Hij is de personificatie van de dood en wordt voorgesteld als een gevleugelde jongeman, die een zwaard in de hand houdt. Hij staat slecht aangeschreven en wordt zelfs door de goden gehaat. Zijn taak bestaat erin doden naar de onderwereld te begeleiden.

 

Allesbehalve discreet wees ze met haar middelvinger naar een vrouw met een onverzorgd uiterlijk en een zuur gezicht.

Het wijzen met de middelvinger drukt misprijzen uit.

 

"Hoe die brave Sokrates het bij haar kan uithouden, dat begrijp ik niet," ging Prokne verder, blij met haar succes.

Volgens zijn tijdgenoten zegt Sokrates over zijn echtgenote: “Als ik het met haar kan uithouden zal ik gemakkelijk kunnen opschieten met de rest van de wereld” en ook: “Een goed huwelijk maakt een man gelukkig en een slecht huwelijk maakt hem tot filosoof.”

 

Toen de hete zomer eindelijk voorbij was, waren de Atheners opgelucht dat de Boidromia en Pyanopsia gevierd konden worden.

In de maanden september en oktober vinden oogst- en vruchtbaarheidsfeesten plaats: de Boidromia en Pyanopsia voor Apollo en de Oschophoria voor Dionysos.

 

Het was bepaald geen sirenenzang; het jongenskoor kweelde vol enthousiasme volledig naast de toon.

In de klassieke tijd worden sirenen voorgesteld als vrouwen met een vogellichaam. Ze zijn de dochters van de riviergod Acheloös. Met hun onweerstaanbare gezang lokken ze schepen op de kliffen, zodat ze schipbreuk leiden. In het verhaal van Odysseus steken de matrozen was in hun oren en laat Odysseus zich vastbinden aan de mast. Wanneer hij het sirenengezang hoort, smeekt hij zijn bemanning om hem los te maken, maar ze horen noch hem, noch de sirenen en raken er veilig voorbij.

 

Ze hield met haar linkerhand de knie van Perikles vast en strekte haar rechterhand uit naar zijn kin, de houding van een smekelinge.

Het is gebruikelijk dat een smekeling een knieval doet en met de linkerhand de knieën omvat van de persoon tot wie hij zijn bede richt. De rechterhand kan eventueel uitgestrekt worden naar de kin van de aangesprokene.

 

Zijn houding verried een militaire achtergrond.

Van zijn 20 tot zijn 60 maakt een man deel uit van het actieve leger en hij wordt dikwijls gemobiliseerd. Tussen 50 en 60 maakt hij deel uit van een thuisfront, dat de grenzen en versterkingen moet bewaken. Een Athener blijft dus 42 jaar oproepbaar.

 

“En zoals je weet, was Orpheus een zoon van mij!”

Orpheus is de zoon van Apollo en de muze Kalliope. Hij erft het muzikale talent van zijn vader en groeit uit tot de bekendste lierspeler van Griekenland. Hij huwt de naiade Eurydike, maar die sterft aan een slangenbeet. Dan vraagt hij aan de goden van de onderwereld om haar het leven terug te geven of hem zelf bij de doden toe te laten. Persephone, godin van de onderwereld, staat hem toe om haar mee terug te nemen, maar hij mag haar niet aankijken tot ze weer boven zijn. Hij kan de verleiding echter niet weerstaan en Eurydike sterft voor de tweede keer.

 

"De Spartanen zijn gekomen, Perikles."

In 432 v.C. besluit de Peloponnesische bond in Sparta tot oorlog. Vanaf 431 v.C. rukken ze op richting Attika. Ze doen een poging om het grensstadje Oinoë te belegeren, maar geven het op. Ze verslaan een Atheense ruiterij-eenheid bij Rheitoi, ze verwoesten Eleusis en Acharnai, vernielen de wijngaarden en kappen de olijfbomen. Dat is een aanslag op de welstand van Athene, die in de eerste plaats afhangt van de productie van olijfolie. Gezien de langzame groei van de olijfboom, ca 30 jaar tot de topproductie is bereikt, vereist de kweek stabiele sociaal-politieke verhoudingen. Oorlog en revolutie berokkenen dan ook enorme schade. (De olijftak is dus een zinvol vredessymbool.) De Spartanen brengen de verwoestingen in verschillende fasen aan, om de druk zo hoog mogelijk te houden en de boeren, opgesloten in de stad, ertoe te bewegen om in opstand te komen.

 

"Het wordt nog erger, Perikles. De Spartanen hebben... Ze hebben onze landerijen platgebrand.”

Plattelandsbewoners leven niet alleen van de landbouw. Er worden bijen gehouden op de berg Hymettos en er worden vijgen en druiven gekweekt op de berghellingen van de Mesogeia. Op de bosrijke hellingen van Parnes wordt houtskool gebrand. Daarnaast wordt er ambachtelijk werk gemaakt en verkocht: boerenkarren, ploegen, visnetten en bijenkorven. Sommige arme vrouwen maaien gras en wieden onkruid op de akkers.

 

Door als een bende kentauren op Sparta af te stormen, zouden ze niets bereiken.

Er zijn twee soorten kentauren, elk met hun eigen ontstaansgeschiedenis. De Thessalische kentauren worden ook wolkenzonen genoemd. Zij zijn ontstaan door een list van een jaloerse oppergod. Wanneer die vermoedt dat de koning van de Lapithen, Ixion, verliefd is op Hera, maakt hij een wolkenbeeld van haar. Nietsvermoedend heeft Ixion gemeenschap met de wolk en zo ontstaan de kentauren. De beroemdste – Thessalische - kentaur is Cheiron, leermeester van Asklepios (god van de geneeskunst), van Herakles en Achilleus en van Iason, aanvoerder van de argonauten. (Deze kentauren leven in een bittere vete met de Lapithen, sinds de kentauren de Lapithische vrouwen probeerden te roven, wat een geliefd onderwerp is voor schilders en beeldhouwers.)

Verder leeft er een gehoornde kentaurenstam op Cyprus. Zij ontstaan wanneer Zeus probeert om Aphrodite te verleiden. Ze ontwijkt hem op het hoogtepunt van zijn extase en zijn zaad bevrucht de aarde, waaruit de kentauren geboren worden.

 

Athena verscheen nacht na nacht aan Perikles tijdens zijn slaap en fluisterde hem in hoe hij Sparta kon treffen zonder zijn volk verder in gevaar te brengen.

Perikles besluit de invallers te laten begaan en zich terug te trekken achter de lange muren. Deze zijn veel te sterk voor de gebrekkige Spartaanse kennis van de belegeringsoorlog. De Atheense vloot beheerst nog steeds de zee en plundert de kusten van de Peloponnesos. Ze begeleidt ook de invoer van voedsel naar de stad en handhaaft de veiligheid onder de bondgenoten. Met hun pas vergrote cavalerie teisteren de Atheners de bevoorradingstroepen en dwingen de landbouwers tot vechten i.p.v. het binnenhalen van de oogst. Na een maand van verwoestingen trekken de Spartaanse invallers zich terug bij gebrek aan proviand. De bevolking van Attika, die zich binnen de Atheense muren verschanst heeft, keert terug naar haar landerijen.

 

"We gaan naar huis, naar Kos. We vertrekken bij dageraad."

Bij de dokters zijn er bij gebrek aan opleiding veel charlatans en bezweerders. De meeste echte dokters zijn vrije burgers en leren het vak als leerjongen. Ook slaven kunnen ingewijd worden om hun meester bij te staan. De bekendste artsenschool, die van Hippokrates, bevindt zich in het Asklepiosheiligdom van Kos (Sporadeneiland). Men kan enkel oefenen op dieren. In Athene bestaan openbare dokters, die door de staat worden betaald. Mensen kunnen zelf ook hun medicijnen halen bij een apotheker, die gebruik maakt van de diensten van een kruidenplukker. Verder bestaan er oog- en tandartsen, vroedvrouwen en verpleegsters.

 

Het laatste waar ze op zat te wachten, was zo’n egocentrische Narkissos in huis, die verliefd was op zijn eigen spiegelbeeld.

Narkissos is de zoon van een riviergod en een nimf en staat bekend om zijn lichamelijke schoonheid. Hij is niet geïnteresseerd in de liefde, tot hij zichzelf aanschouwt in een spiegelend wateroppervlak. Hij wil zijn weerspiegeling kussen, maar als hij het beeld aanraakt, verdwijnt het. Uiteindelijk kwijnt hij weg van honger, dorst en uitputting.

 

“Bij Eros, wat ben jij voor een man, als een vrouw als deze je niet opwindt!"

Eros is de zoon van Aphrodite en Ares. Hij is de god van de passionele liefde. Wie geraakt wordt door één van zijn pijlen, wordt verliefd op het eerste levend wezen dat hij ontmoet. Hij is gehuwd met de sterfelijke Psyche (lett: “ziel”) wat de band symboliseert tussen hartstocht en verstand, lichaam en ziel. Vooraleer het huwelijk mag doorgaan, krijgt Psyche van haar toekomstige schoonmoeder Aphrodite enkele quasi onuitvoerbare taken opgelegd.

 

Alkibiades had zich niet geschaamd om zich met Leos te vertonen en hij was zo trots geweest op zijn jonge, knappe minnaar.

In de antieke Griekse samenleving hangt er geen enkel taboe rond seks. Seks wordt gezien als een banale ontspanningsoefening of ontlading, een handelsproduct, een levensnoodzakelijke behoefte, een noodzaak voor de voortplanting, een uiting van liefde, een instrument voor straf en onderdrukking en/of een middel om een doel te bereiken. Al deze vormen zijn courant en aanvaardbaar.

  • Tijdens godsdienstige feesten worden af- en uitbeeldingen van geslachtsdelen (mannelijke en vrouwelijke) rondgedragen en uitgestald.

  • Overal in stad en huis staan hermen met de fallus in erecte toestand.

  • De god Priapos wordt afgebeeld op vaatwerk en als roodgeverfd standbeeld, met enorm geslachtsdeel, waaruit al dan niet water stroomt. (Manneke Pis is niet door Belgen uitgevonden…) Over hem doet ook de mythe de ronde dat hij ’s nachts de slapende nimf Lotis (of de godin Hestia?) wil verkrachten, maar ze wordt gewekt door een ezel. Hij wordt door iedereen uitgelachen omwille van zijn opgerichte fallus, die zijn intenties verraadt.

  • Men kan aandelen kopen in een hetaira of schandknaap en haar/hem om de beurt gebruiken. Er is ook overgeleverd dat prosituees meer aanrekenen voor de positie met de vrouw bovenop, dan voor die waarbij de vrouw gebukt gaat staan.

  • Bij een veldtocht worden prostituees en liefdesknapen als even noodzakelijk beschouwd als voedsel en lastdieren.

  • In de (al dan niet mythologische) verhalen komt seks in al zijn vormen aan bod, van bestialiteit (Daidalos maakt een holle koe, zodat Pasiphaë daarin kan kruipen om de liefde te bedrijven met een stier) tot pedofilie (Xenophon stelt zonder enige vorm van moreel oordeel vast dat één van zijn mede-officieren een “pederast” is, die liefde opvat voor een jong knaapje) en zowat alles daartussenin.

  • De meeste drinkgelagen monden uit in dronken orgieën, zoals ontelbare keren afgebeeld op vaatwerk. Op de bodem van een kylix staan bv. erotische scènes, die zichtbaar worden wanneer de beker leeg is. (bv. een seksscène van een slavin, die voorovergebogen staat, met een man achter haar en de inscriptie: “Sta stil!”)

  • Vrouwelijke krijgsgevangenen worden automatisch seksslavin en als buit uitgedeeld.

  • Seks wordt als oppeppertje gezien. Zo maant Achilleus zijn moeder hem aan “om de liefde te bedrijven met een vrouw”, om zich beter te voelen.

  • Hera gebruikt seks om Zeus zijn aandacht van de oorlogssituatie af te leiden.

  • Aan slaven wordt seks als beloning toegekend, zonder de bedoeling om te reproduceren.

  • Sokrates meent: “…Wie de juiste weg gaat…moet in zijn jeugd zich wenden tot de schone lichamen en eerst…één daarvan  beminnen en daarin schone gedachten wekken, maar daarna moet hij beseffen dat de schoonheid in één bepaald lichaam verbroederd is aan de schoonheid in een tweede lichaam en dat, indien hij het uiterlijk schone najaagt, het een grote dwaasheid is de schoonheid in alle lichamen niet voor één en dezelfde te houden. Wanneer hij dit heeft ingezien, zal hij een minnaar worden van alle schone lichamen en zijn heftige neiging tot dat ene laten varen…”

  • Hera en Zeus hebben een twistgesprek over wie het meest plezier beleeft aan seks: mannen of vrouwen. De Thebaan Teiresias heeft acht jaar in een vrouwenlichaam doorgebracht en kan deze vraag beantwoorden. Volgens hem genieten vrouwen negen maal meer dan mannen. (Hera vindt dat antwoord zo absurd, dat ze hem met blindheid slaat. Zeus compenseert dit dan weer met de gave van de profetie. Teiresias wordt de invloedrijkste ziener uit de Griekse mythololgie.)

  • Wanneer Hephaistos de overspelige minnaars Ares en Aphrodite betrapt, gooit hij een onzichtbaar net over hen heen en zet hen te kijk voor de andere goden. Dit lokt geen morele verontwaardiging uit; ze worden alleen maar uitgelachen.